BENG: de nieuwe standaard
Sinds 1 januari 2021 is de nieuwe norm voor het bouwen Bijna Energie Neutrale Gebouwen (BENG). Er is afscheid genomen van de energieprestatiecoëfficiënt (EPC) en er gelden nieuwe eisen en een nieuwe bepalingsmethode.
Sinds 1 januari 2021 is de nieuwe norm voor het bouwen Bijna Energie Neutrale Gebouwen (BENG). Er is afscheid genomen van de energieprestatiecoëfficiënt (EPC) en er gelden nieuwe eisen en een nieuwe bepalingsmethode.
Nederland heeft een flinke duurzaamheidsambitie: in 2050 moeten alle huizen in Nederland gasvrij verwarmd worden. Om deze ambities waar te maken gelden voor de nieuwbouw sinds 1 januari 2021 BENG-eisen. Het ontwerp van het ventilatiesysteem heeft invloed op alle drie de BENG-indicatoren. Vraaggestuurde en balansventilatiesystemen beperken bijvoorbeeld de energiebehoefte en het gebruik van primaire energie. Deze systemen ventileren automatisch wanneer bepaalde concentraties fijnstof of vocht worden overschreden. Daardoor blijft de lucht schoon en de energierekening laag.
Aan de BENG-indicatoren is een comforteis toegevoegd, TOjuli. TOjuli stelt maximumeisen aan de opwarming van de woning in de zomer door zonlicht:
Vaak wordt er bij luchtverontreiniging naar buiten gekeken. Drukke kruispunten, snelwegen en fabrieken zorgen voor uitstoot van veel gassen. Maar in huis is de mens de grootste luchtvervuiler. Om een idee te geven: een mens produceert per uur ongeveer 30 gram vocht en 32 liter CO2. Bij inspanning zijn deze getallen veel hoger.
Een huis dat alleen geïsoleerd en verwarmd wordt, is ongezond. Er ontstaat schimmelvorming en bewoners krijgen last van concentratieproblemen, vermoeidheid en luchtwegklachten. Daarom is ventileren zo belangrijk.
In een gemiddeld huis zijn de concentraties CO2 en fijnstof vaak veel hoger dan buiten. De concentratie fijnstof in de Nederlandse buitenlucht bedraagt ca. 430 ppm, in gebouwen is een dubbele concentratie geen uitzondering. Het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) stelt voor woningen geen eisen aan de concentraties fijnstof en CO2; in Nederland wordt de ventilatiebehoefte berekend op basis van het aantal kubieke meters. Voor woningen wordt echter wel vaak een grenswaarde aangehouden van 1.200 ppm en vraaggestuurde ventilatie-units zijn zo afgesteld dat ze meestal ‘optoeren’ bij grenswaarden van 800 ppm.
Daarnaast is gelden er eisen voor de opwarming van gebouwen. TOjuli moet voorkomen dat gebouwen oververhit raken.
De drie BENG indicatoren hebben invloed op elkaar en bepalen samen hoe goed de woning functioneert. Onder BENG 1 zijn voornamelijk bouwtechnische aspecten opgenomen. Denk aan de isolatie, oriëntatie en luchtdichtheid van de woning. BENG 2 focust op installatietechnische aspecten. Een goede score op BENG 3 wordt behaald door veel hernieuwbare energiebronnen te gebruiken.
De indicatoren zijn niet los van elkaar te zien. Neem bijvoorbeeld ventilatie. De keuze voor het ventilatiesysteem heeft direct invloed op het energieverbruik en bepaalt daardoor de uitkomst van zowel BENG 1 als BENG 2. Wordt er gekozen voor zonnepanelen dan is dat gunstig voor BENG 3, maar de doorvoeren mogen geen koudebruggen veroorzaken (BENG 1). Dat zijn niet alleen ontwerpvraagstukken, minstens zo belangrijk is een goede uitvoering.
Wil je meer weten over de BENG en eisen die worden gesteld aan nieuwwoningen? In het Kennisdocument Bouw kan je er alles over lezen.